Home > Uncategorized > Samenwerking bij preventie kindermishandeling

Samenwerking bij preventie kindermishandeling

Samenwerkend Toezicht Jeugd onderzocht in Amsterdam Oost, Apeldoorn, Arnhem en Breda hoe
gemeente en instellingen samenwerken bij het signaleren van risico’s in de leefomgeving van kinderen en de wijze waarop zij deze risico’s aanpakken om kindermishandeling te voorkomen.

Staatssecretaris Martin van Rijn (VWS) heeft vorige week het rapport ‘Meldcode: Stap 0’ van Samenwerkend Toezicht Jeugd (STJ) aan de Tweede Kamer aangeboden. Dit rapport gaat in op de preventie van kindermishandeling en zal naar alle gemeenten worden gestuurd.

STJ onderzocht in Amsterdam Oost, Apeldoorn, Arnhem en Breda hoe gemeente en instellingen samenwerken bij het signaleren van risico’s in de leefomgeving van kinderen en de wijze waarop zij deze risico’s aanpakken om kindermishandeling te voorkomen. Deze vier gemeenten werden geselecteerd, omdat zij beschikken over een protocol voor een ‘sluitende aanpak’ van kindermishandeling.

Vroegtijdige onderkenning

Voordat kindermishandeling ontstaat, is er vaak al enige tijd sprake van (opvoed)problematiek in een gezin. Signalen van dergelijke situaties dienen vroegtijdig te worden onderkend: vroeg in de levensloop van het kind en vroeg in de ontwikkeling van het probleem zelf. Door hier bijtijds en adequaat op in te spelen kan mishandeling vaak worden voorkomen.

Goede voorbeelden

STJ trof verschillende goede voorbeelden aan van signalering en samenwerking op gemeentelijk niveau. In Arnhem screenen verloskundigen hun cliënten mede op aspecten als werk, sociaal netwerk en psychische problemen. Indien nodig kan een jeugdverpleegkundige het gezin vier jaar lang volgen. In Apeldoorn krijgen gezinnen die niet naar het consultatiebureau komen een bezoek aan huis. Als de medewerker niet wordt binnengelaten en nader onderzoek niets oplevert, dan volgt een melding bij bureau jeugdzorg. In Breda dragen kinderopvang en peuterspeelzalen verplicht informatie over aan de basisschool voordat het kind op school start. En in Amsterdam Oost wordt bij multi-probleem gezinnen een coördinator aangesteld die de inspanningen van verschillende hulpverleners op elkaar afstemt.

Knelpunten

Maar er zijn ook knelpunten die aangepakt dienen te worden. Organisaties in de directe leefwereld van het kind (kraamzorg, JGZ, kinderopvang, scholen), maar ook organisaties en professionals die zich op de ouders richten (schuldhulpverlening, GGZ, AMW, huisartsen) dienen breder te kijken en meer alert te zijn op risico’s voor het kind. Gemeenten dienen zorg te dragen voor een goede aansluiting tussen voorschoolse voorzieningen, het onderwijs en het zorgdomein. Zij dienen voorts het gebruik van de Verwijsindex Risicojongeren te stimuleren en te verbreden en daarnaast – in samenwerking met lokale organisaties – een integrale aanpak te ontwikkelen voor gezinnen met een cumulatie van risicofactoren en/of (beginnende) problemen.

Advertenties
  1. Nog geen reacties
  1. No trackbacks yet.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: